Studie: 'Renovatie vloer beter voor milieu'
Het renoveren in plaats van vervangen van houten vloeren zorgt volgens het Zweedse onderzoek voor een CO2-voetafdrukvermindering van 78 procent. |
Het opnieuw afwerken van elastische vloerbedekkingen kan tot 92 procent vermindering van de CO2-voetafdruk opleveren vergeleken met vervanging. (foto's: Bona) |
Een recent onderzoeksverslag van het Zweedse milieu-instituut IVL bevestigt dat het opnieuw afwerken van houten en elastische vloeren duurzamer is vanuit milieu-oogpunt dan het geheel vervangen van de vloerbedekking. Het verslag van het onderzoek, dat werd uitgevoerd met (financiële) input van Bona, meet een CO2-voetafdrukvermindering van 78 procent bij het opnieuw afwerken, in plaats van vervangen, van houten vloeren. Elastische vloerbedekkingen een make-over geven kan tot 92 procent vermindering van de ecologische voetafdruk opleveren versus vervangen. Bovendien blijkt uit het rapport dat door houten en elastische vloeren opnieuw af te werken, een besparing van minimaal 90 procent op het gebruik van hulpbronnen wordt gerealiseerd, waaronder transport, elektriciteitsverbruik, verbruiksgoederen en materialen.
Jaarlijks wordt in Zweden 25 miljoen vierkante meter aan houten en elastische vloeren vervangen in openbare en zakelijke gebouwen. Het IVL-onderzoek 'Increasing resource efficiency in the Swedish flooring industry through floor refinishing' toont aan dat het nogmaals afwerken van deze vloeroppervlakken een aanzienlijke vermindering van de CO2-voetafdruk kan opleveren, besparen op hulpbronnen en bijdragen aan een circulaire economie in vergelijking met bouwmaterialen.
"Vandaag de dag moet alles nieuw en fris zijn. De verkoop van nieuw materiaal voor de bedekking van de vloer wordt in stand gehouden door het lineaire bedrijfsmodel dat we heden in de bouwsector kennen, en het opnieuw afwerken wordt vaak als lastiger ervaren," zo verklaart Maria Ahlm, de aan het IVL verbonden auteur van het rapport. "Onze analyse en definitieve routekaart ondersteunen evenwel dat het renoveren van vloeren, naast de afname van de CO2-voetafdruk, een haalbaar alternatief is om de efficiëntie in de benutting van hulpbronnen in de Zweedse vloerenbranche te verhogen."
"Dit onderzoek levert een totaalbeeld en is een tastbaar bewijs dat het opnieuw afwerken van een elastisch of houten vloeroppervlak duurzamer is dan vervanging, terwijl het de uitstraling van een vloer verbetert," stelt Björn Johansson, die bij Bona de functie van 'global environmental manager' heeft. "Bona ontwikkelt al ruim honderd jaar producten en systemen die een duurzamere oplossing voor vloerrenovatie bieden. Dat dit onderzoeksverslag de voordelen van het Bona-systeem staaft, is voor ons een bevestiging."
De studie werd in een periode van twaalf maanden uitgevoerd, met de nadruk op de Zweedse vloerenmarkt en bouwsector. Het eerste deel van het rapport neemt de milieu-impact van het opnieuw afwerken van houten en elastische vloeren onder de loep middels een levenscyclusanalyse. Het resultaat werd vergeleken met de impact van het vervaardigen en installeren van nieuwe vloeren in termen van klimaatverandering en gebruik van hulpbronnen. Daarnaast werd het resultaat gebruikt als bewijs voor een veronderstelling dat het renoveren van een vloer de impact van klimaatverandering kan verminderen en het gebruik van hulpbronnen sterk kan terugdringen in vergelijking met het maken en plaatsen van nieuwe vloeren. In het tweede deel van de studie werd een 'roadmap' ontwikkeld in de vorm van een strategisch plan om de gewenste resultaten vast te stellen en belangrijke handelingen te schetsen, om aldus de drempel te nemen die de huidige toestand onderscheidt van de gewenste. De roadmap is samen met belanghebbenden uit de vloerenindustrie ontwikkeld, waaronder materiaalleveranciers, eigenaren van onroerend goed, architecten en aannemers. Het Engelstalige onderzoeksrapport is te vinden op www.ivl.se.
(Vloerenplein, 12-06-2020)










INretail vraagt bij monde van branchespecialist Wonen Bert-Jan van der Stelt opnieuw aandacht voor het belang van scholing en personeel. "Nu de omzet in de woonbranche weer aantrekt en zaken zich weer enigszins lijken te 'normaliseren', is het zaak om weer wat verder vooruit te kijken," zo stelt hij op de website van de brancheorganisatie. "We kampen immers in de branche al jaren met een tekort aan goed opgeleide medewerkers."
In het voorbije eerste kwartaal heeft de verzamelde groothandel 2,2 procent meer omzet behaald dan in dezelfde periode een jaar eerder, zo meldt het CBS vandaag. Binnen de groothandel behalen handelaren in voedingsmiddelen de grootste toename van de omzet in het eerste kwartaal, te weten 5,8 procent meer. De sector non-food boekt een meer bescheiden plus van 2,5 procent.
Het bruto binnenlands product (bbp) van Nederland krimpt dit jaar met 5,7 procent, zo raamt de onderzoeksafdeling van de Rabobank, om in 2021 weer met 2,9 procent te herstellen. De onderzoekers betitelen hun verwachtingen voor dit jaar als 'relatief mild' vergeleken met andere landen in de eurozone. Dit komt door een minder strenge lockdown en een goede uitgangspositie, waaronder een hoge mate van digitalisering en gezonde overheidsfinanciën. Anderzijds is het verwachte herstel vanaf de tweede helft van dit jaar gematigder dan dat in onze buurlanden. Deels is dit een logisch gevolg van de minder diepe val aan het begin van de coronacrisis. Maar het komt ook doordat Nederland relatief kwetsbaar is voor vraaguitval uit het buitenland.
Dutch Design Week (DDW) gaat dit jaar door, van 17 t/m 25 oktober in Eindhoven, maar in een aangepaste vorm. Het evenement belooft een combinatie te worden van een fysiek en een online festival, waarbij 'matchmaking' voor de ontwerpers centraal staat. In de vorm van vooraf geplande studio expo's zijn ontwerpers door een geselecteerd publiek te bezoeken. Daarnaast zal het nodige digitaal worden opgetuigd voor het bredere publiek.
Als gevolg van de gedwongen 'shutdown' van tal van onderdelen van de economische infrastructuur, voorziet marktonderzoekbureau Branchenradar.com klaarblijkelijk beperkte dalingen van de omzet van vloerenfabrikanten in zowel Oostenrijk als Zwitserland. In eerstgenoemde land bedraagt de omzetdaling in 2020 naar schatting zo'n 3,6 procent in vergelijking met het voorgaande jaar. Alle productgroepen worden waarschijnlijk negatief geraakt. Bovendien zal de opleving het komende jaar traag verlopen. Zoals het er nu naar uitziet komt het in 2021 tot weinig meer dan een consolidatie (een plusje van 0,4 procent) op het niveau van 2020. In 2019 boekte de branche als geheel nog een vooruitgang van 2,0 procent.



Op initiatief van Progenta is het kennisplatform 'Building Up' in het leven geroepen. Op het platform delen wereldwijd samenwerkende vloerspecialisten op onafhankelijke basis hun kennis. Uitgangspunt is de vraag die bij onder anderen facilitymanagers leeft hoe gebouwen weer veilig en hygiënisch open kunnen gaan voor meer en meer publiek.
Reden genoeg voor Progenta om met inmiddels bijna twintig internationale, gespecialiseerde partners de handen ineen te slaan om een onafhankelijk kennisplatform te realiseren voor deze dubbende facilityprofessionals. Partners zijn onder andere Interface, Nora, Kvadrat, Modulyss, EW Facility Services, DecoRad en FloorPro.




Peitsman organiseert deze zomer traditiegetrouw een spaaractie. Inhakend op de actualiteit kan men sparen voor 'de leukste zomeritems voor vakantie in eigen land', zoals de Koninklijke groothandel het omschrijft. Met onder meer keuze uit barbecues van Boretti, geluidsapparatuur van Sonos, Garmin-apparatuur voor de sportievelingen en diverse bordspellen voor regenachtige dagen. De actieperiode is vorige week maandag begonnen en loopt tot en met zondag 28 juni a.s.

Modint heeft aan de hand van een vragenlijst in kaart gebracht welke impact de coronacrisis op zijn achterban heeft. Bijna honderd bedrijven, verdeeld over (sub)branches als mode, textiel, tapijt, bedrijfskleding en interieur, hebben meegedaan aan de ledenpeiling.
De Internationale Handelscommissie (ITC) heeft afgelopen vrijdag een initiële bepaling vrijgegeven in het onderzoek dat op 25 maart 2019 door het IP-bedrijf van Unilin, Mohawk Industries en IVC US is ingesteld tegen 45 bedrijven die inbreuk zouden maken op de octrooien van Unilin in zijn portfolio van 'rigid' en 'foamed core' vergrendelingssystemen. De bestuursrechter van dienst Shaw bevestigt volgens de aanklagende partij de schending van alle 48 claims die Unilin had ingediend.





De divisie Floor & Wall Coverings van het Portugese kurkconcern Amorim laat in het voorbije eerste kwartaal (en ondanks Covid-19) een stevige groei van de omzet zien van liefst 11 procent. Dit gaat gepaard met een gedegen verbetering van de winstgevendheid, reden genoeg voor het concern om te spreken van een heuse 'turn-around' voor dit bedrijfsonderdeel, volgend op een tweetal naar eigen zeggen 'zware' jaren.