Turken straffen Duits laminaat
H
et directoraat-generaal voor de invoerhandel op het Turkse ministerie van Economische Zaken heeft antidumpingheffingen opgelegd aan importen van laminaatvloeren uit Duitsland, als uitkomst van een sinds 18 december 2013 lopend anti-dumpingonderzoek. De beslissing werd gepubliceerd op 13 juni jl. in de Turkse ‘staatscourant’ Resmi Gazete, zo heeft het Duitse vakblad Euwid achterhaald. De Turkse autoriteiten zijn van mening dat de invoer van laminaatvloeren uit Duitsland de prijzen van lokale producenten hebben ondermijnd, gedurende de beoordelingsperiode van januari tot september 2013. De Turkse laminaatvloerenindustrie heeft als gevolg daarvan schade opgelopen, zo vat Euwid het standpunt van de Turken samen. Vier Duitse fabrikanten van laminaatvloeren die aan het onderzoek hebben meegewerkt kregen afzonderlijke antidumpingheffingen opgelegd. De overige fabrikanten die niet hadden meegewerkt met de Turkse autoriteiten in genoemde periode of die onvoldoende informatie hadden verstrekt, dienen een strafheffing te betalen van 1,05 US-dollar per vierkante meter, ingaande de datum van publicatie van de maatregel.
Het houthandelsplatform IHB weet in aanvulling hierop te melden dat de producenten Falquon GmbH, Kronotex GmbH & Co. KG, Egger Holzwerkstoffe Wismar GmbH, Classen Flooring International GmbH en MeisterWerke Schulte GmbH respectievelijk 0, 30, 33, 31 en 53 dollarcent per vierkante meter laminaat dienen op te hoesten. De hoogte van de tarieven lijkt afhankelijk te zijn van de mate van samenwerking van de bedrijven met het directoraat-generaal, volgens bronnen in de Duitse laminaatindustrie. Een gedetailleerde motivering van de hoogte van de tarieven zou op komst zijn. De getroffen bedrijven hebben twee maanden om bezwaar te maken. IHB destilleert overigens uit de officiële documenten dat de Turkse fabrikanten door de handelwijze van de Duitse fabrikanten momenteel geen noemenswaardig nadeel ondervinden. Dit zou echter uiteindelijk wel het geval kunnen zijn, en Turkije lijkt dat te willen voorkomen. Het is dan ook niet waarschijnlijk dat een bezwaar veel zal wijzigen aan de hoogte van de tarieven. Niet alleen bepaalde Duitse laminaatmakers ondervinden problemen in Turkije, verondersteld mag worden dat ook hun Turkse distributeurs/importeurs met de gebakken peren zitten qua prijsstelling.
(Vloerenplein, 06-07-2015)










James en Bosgoed Groothandel gaan een samenwerking aan. Een en ander betekent dat, behalve James zelf, Bosgoed de producten van eerstgenoemde op de Nederlandse markt gaat distribueren. Onlangs maakte de specialist in onderhoudsproducten overigens al de hernieuwde samenwerking met Gebrs. Willard bekend. (Zie ook Nieuws van 26-06-2015). Met Bosgoed wordt de dekking van James op de Nederlandse markt derhalve verder uitgebreid.












James en Gebrs. Willard zijn een hernieuwde samenwerking aangegaan, zo laten zij in een persbericht weten. Naast James zal ook Willard de James producten gaat distribueren op de Nederlandse markt. Willard en James hebben samen nagedacht over flexibilisering van de bestelhoeveelheden. Het bestellen van gehele dozen voorraad is niet voor elke winkelier de ideale oplossing. De minimale bestelhoeveelheid van een doos per product is daarom vervangen door het Mix & Match principe. Dit betekent dat detaillisten zelf kunnen bepalen hoeveel en welke producten zij willen bestellen. Hierdoor wordt het mogelijk alle producten van James te combineren in één bestelling. Bestellen kan al vanaf 1 flacon. Deze nieuwe bestelwijze biedt de winkelier de mogelijkheid zijn voorraad James producten naar eigen inzicht aan te vullen. James en Willard willen zo een nog optimalere service aan hun klanten bieden. Onderdeel van de samenwerking is tevens dat twee tapijtcollecties van Willard volledig getest zullen worden door James en voorzien worden van het James Persoonlijk Onderhoudsadvies. Zowel de polyamide Sfeervol Wonen tapijtcollectie als de wollen Wool Classics tapijtcollectie zullen hiervan voorzien worden. Willard wil hiermee haar service naar detaillist en consument verder vergroten. Het James Persoonlijk Onderhoudsadvies kan gratis via de website van James worden aangevraagd. Het invullen van de vragenlijst kost u slechts 1 minuut met een gepersonaliseerd onderhouds- en reinigingsadvies voor de consument als resultaat. Na de zomer zullen alle resultaten van de testen via de James site op te vragen zijn.
In de Verenigde Staten is Quick-Step voor de vijfde achtereenvolgende keer bekroond als laminaatfabrikant van het jaar. Het bedrijf kreeg de prijs, de zogeheten ‘Award of Excellence’, toegekend vanwege bijzondere designs, innovaties, constante kwaliteit en service. De prijs is een initiatief van Floor Covering News, World Floor Covering Association (WFCA) en de vakbeurs surfaces. De winnaar wordt bepaald aan de hand van stemmen vanuit alle segmenten binnen de vloerenbranche.
Langzamerhand komen er wat meer details naar buiten met betrekking tot de verhoudingen binnen Mohawk na de overname van IVC. Nadat begin deze maand de overname officieel is afgerond en de Europese Commissie deze goedkeurde, sijpelen her en der wat berichten naar buiten in Vlaamse media. Jan Vergote Chief Executive Officer IVC zegt in een interne mededeling aan het personeel dat IVC van het nieuwe moederbedrijf Mohawk carte blanche heeft gekregen om de vinylbusiness aan te sturen. Het Vlaamse Knack weet verder te melden dat Unilin (in 2005 door Mohawk overgenomen) verantwoordelijk wordt voor Spanolux MDF-business (onder de divisie panels) en het laminaat van Balterio. IVC en Unilin gaan snel rond de tafel zitten om de nieuwe structuur binnen de organisatie op elkaar af te stemmen en te stroomlijnen. Als datum wordt eind juni genoemd. IVC-voorzitter Filip Balcaen blijkt het voltallige IVC-personeel een e-mail gestuurd te hebben, meldt Knack. Hij roemt daarin de medewerkers voor hun jarenlange inzet voor en trouw aan de onderneming. “Jullie, en niemand anders, zijn de échte helden achter het succes van het bedrijf,” aldus Balcaen.
Interfloor heeft vorig jaar een sterk omzetresultaat weten neer te zetten. De forse groei van de omzet is ondermeer het logisch gevolg van de positieve kentering in de markt, aldus het bedrijf uit Zwartsluis in een persbericht. “Sinds 2008 stond de markt voor woninginrichtingsprodukten sterk onder druk. Enerzijds door het sterk verminderde aantal nieuwbouwwoningen, daarnaast door de bankencrisis sterk gedaalde verkoop van bestaande woningen. En voeg daaraan toe een verminderd consumenten vertrouwen. Ook de projectmarkt had het zwaar, het bedrijfsleven investeerde in de magere jaren niet in huisvesting.” Na een zeer positief verlopen jaar 2014, een jaar waarin de omzet weer sterk steeg, is 2015 weer als vanouds met weekomzetten gelijkwaardig aan de jaren voor de crisis. Ook afgelopen maanden noteerde het bedrijf dubbele cijfers. De berichten van de klanten van Interfloor zijn eigenlijk unaniem, de agenda is goed gevuld met 2 tot 3 weken werk. Welliswaar valt het winkelbezoek tegen qua aantal, maar het is beter van kwaliteit. De consument oriënteert zich goed via internet en komt naar de winkel om te bestellen. “Dat kan een verklaring zijn voor het lage aantal bezoeken in de winkels en de goede omzetten.” Interfloor ziet ook een kentering in de moeilijke situatie van haar dealers. “De betalingstermijnen lopen niet verder op maar zelfs terug. Dit na een aantal jaren waarin het bedrijf de kredietverlening als belangrijk speerpunt moest gebruiken.” De relatie met haar dealers is volgens Interfloor mede door dit optreden versterkt, immers ‘in moeilijke tijden leert men zijn vrienden kennen’. Ook het 100% op voorraad blijven houden van alle posities en het blijvend actualiseren en moderniseren van de collectie werd hoog gewaardeerd. Ook het gratis dealerschap en de belofte om qua distributie de woninginrichting te blijven steunen en niet aan bouwmarkten aan ZZP 'ers te leveren was een sterke troef om de goodwill van de klanten te behouden. Interfloor: “Gezamenlijk zal nu de gemiddelde prijs weer naar een aanvaardbaar niveau moeten worden getild. De prijsklasse van tapijt onder de 100 Euro was essentieel in de crisisjaren, maar zal nu langzamerhand verlaten moeten worden om een reëel rendement te behalen voor de woninginrichters en voor hun leveranciers.” Al met al is Interfloor zeer positief en tevreden met de behaalde omzetgroei op dit moment. Er valt nog steeds een inhaalslag te maken, maar in het volste vertrouwen ziet de directie dit jaar en de komende jaren tegemoet.


De Fields Group uit Amsterdam neemt per vandaag de bedrijfsvoering van Armstrong DLW in Bietigheim-Bissingen onder zijn hoede. De Nederlandse investeerder handhaaft de twee productievestigingen in Delmenhorst en Bietigheim-Bissingen. Het ‘sterke’ merk DLW blijft bestaan, getuige ook de toekomstige firmanaam DLW Flooring GmbH. Het productassortiment blijft bestaan uit linoleum, vinyl, LVT en naaldvilt, aangevuld met innovaties als Naturecore. Bewindvoerder Mucha betitelt de overname in een persbericht als een “zeer goede en toekomstgerichte oplossing”, voor zowel schuldeisers, werknemers als de andere partijen die betrokken zijn bij de insolventieprocedure. De voortzetting van de vloerenfabrikant is in de ogen van Mucha nu verzekerd. Charles Irving-Swift blijft aan als CEO in het kader van de door de nieuwe eigenaar nagestreefde continuïteit in de bedrijfsleiding. Fields was vorige maand overigens ook al nauw betrokken bij een eerste ‘stroomlijning’ van diverse activiteiten bij Armstrong DLW.
Vorig jaar kochten 7.040.000 Belgen (64 procent van de bevolking) online, te weten minstens één keer om de twee maanden een aankoop via internet. Daaronder 440.000 nieuwe klanten. Eén op de vijf kocht minstens één keer via smartphone of tablet. Zuiderburen met een hoog loon (75 procent) zijn vaker online klanten dan mensen met een lager loon (60 procent). Dit en meer blijkt uit de vijfde e-commerce studie van Comeos, de Belgische federatie voor handel en diensten. Een jaar eerder werden nog 6.600.000 (60 procent) Belgen geturfd en 330.000 nieuwe klanten.



Het private equity-fonds Lone Star Funds uit Dallas (Texas, VS) heeft gisteren zijn handtekening gezet onder de aankoop van de tapijtgroep Balta. Vrijdag had Lone Star al de voorkeur gekregen boven de Amerikaanse vloerbedekkingsreus Mohawk, zo wist dagblad De Standaard zondagmiddag te melden. Balta is ruim tien jaar in handen geweest van Doughty Hanson. Dit Britse fonds heeft met de keuze voor Lone Star uiteindelijk eieren voor zijn geld gekozen, zo omschrijft de krant het plastisch. Doughty Hanson had al een lang traject met Lone Star afgelegd en zou Mohawk, dat nog druk bezig was om het eerder dit jaar overgenomen IVC te integreren en pas later in beeld kwam, nooit de kans hebben gegeven om echt te onderhandelen en een bindend bod te doen.
Verder schrijft ERFMI dat haar leden in de tussentijd met twee initiatieven zijn gestart om de twee van toepassing zijnde, oudere normen aan te passen zodat ze voldoen aan de laatste ontwikkelingen in de markt. Ten eerste zal de EN ISO 10582 worden uitgebreid met specifieke vereisten voor LVT. Deze procedure is aan de gang en binnenkort volgt publicatie van een concept. Ten tweede zal de bestaande EN 14085, de standaard voor elastische vloerbedekkingen op panelen, eveneens worden aangepast, bijvoorbeeld door het opnemen van de sterkte van de vergrendeling. Deze wordt overgebracht naar een nieuwe ISO-norm: ISO 20236 (veerkrachtige vloerbedekking specificatie voor vloerpanelen voor lijmvrije plaatsing). In werkgroep 10 van CEN TC 134 werken vloerbedekkingsspecialisten uit de elastische-, tapijt- en laminaatindustrie nauw samen, aldus nog steeds ERFMI, om ervoor te zorgen dat eisen over de verschillende productcategorieën heen consistent zijn, zo besluit ERFMI.
Mohawk Industries heeft afgelopen vrijdag laten weten dat zijn aankoop van de Belgische vinyl-, laminaat- en LVT-maker IVC Group, met inbegrip van een gloednieuwe LVT-fabriek in Dalton (Georgia, VS), geheel is voltooid. Mohawk merkt in dit verband gretig op dat LVT momenteel goed is voor 5 procent van de Amerikaanse vloerenmarkt, met naar verwachting een jaarlijkse groei van de verkopen van ruim 15 procent tot aan 2020. Het aankoopbedrag voor IVC is 1,2 miljard dollar, grotendeels in cash en een kleiner deel in aandelen Mohawk. De transactie werd afgelopen januari al aangekondigd.